Tim Moerman | Op naar een Veers ontbijt!
Interview met Tim Moerman
We praten veel over de landbouw van de toekomst. Over verandering, innovatie en de rol van beleid. Maar hoe ziet die toekomst er in de praktijk eigenlijk uit? In aanloop naar de Werkplaats Netwerk Platteland ‘Landbouw in 2050’ spreken we boeren, denkers en doeners die daar dagelijks vorm aan geven. Wat opvalt: de toekomst zit niet alleen in nieuwe technieken of regels, maar ook in de vraag hoe we voedsel, landschap en economie opnieuw met elkaar verbinden. Op Walcheren, bij Loverendale Ter Linde, krijgt dat onder leiding van Tim Moerman een heel concrete vorm.
Van grondstof naar voeding
“Loverendale Ter Linde is de oudste biodynamische boerderij van Nederland. Al bijna een eeuw wordt hier gewerkt aan landbouw met aandacht voor bodem, kringlopen en samenhang. Het is een gemengd bedrijf,” vertelt Moerman. “Akkerbouw, veehouderij, fruitteelt, en de verwerking van wat wij telen in onze bakkerij. Het gaat verder dan alleen maar het verbouwen van grondstoffen.” Volgens Moerman is de landbouw verschoven in de keten: “Ooit leverde de landbouw voornamelijk voedsel, nu produceren de agrariërs vooral grondstoffen. Op Loverendale proberen we dat anders te doen door de keten zelf te organiseren. Daar waar een varkensboer zijn varkens verkoopt, houden wij de slacht in eigen beheer en verkopen we het vlees rechtstreeks aan de consument.”
Een systeem dat schuurt
“Bij mij openden de ogen op een markt in Senegal. Daar lagen ook Nederlandse kippenpoten te koop. Goedkoper dan de lokale producten. Toen dacht ik: hoe kan dat?!” Volgens hem is dat geen los voorbeeld, maar onderdeel van een groter systeem dat uit balans is geraakt. “Ook als je kijkt naar de grond zie je dat het systeem de boel klem zet. De grondhonger en de almaar stijgende grondprijzen zetten druk op het huidige model. Het maakt overname door volgende generaties ingewikkeld en instromen als agrariër zo goed als onmogelijk. Ik boer op pachtgrond. Dat is als je het mij vraagt de enige goede manier om het te doen. Het dwingt me tot een ander verdienmodel. Ik kan niet rekenen op de waardestijging van de grond. Dus moet ik mijn geld verdienen met wat ik hier en nu doe, ook als het gaat om mijn pensioen. Vandaar dat we ook kijken hoe we verder kunnen gaan in het verwaarden van ons product en actief zijn in de korte keten.”
Samenwerken is de sleutel
“Neem de gemeente Veere. We hebben hier 5 miljoen toeristische overnachtingen per jaar. Stel je voor dat we 10% daarvan een Veers streekontbijt zouden willen aanbieden. Dat klinkt logisch en interessant toch? Maar waar moeten we dan beginnen? Alleen kan ik er niks mee. Dus moeten we het samen als landbouwers en gemeenschap proberen op te pakken.” Volgens Moerman laat juist zo’n idee zien hoe groot de afstand soms nog is tussen landbouw, recreatie en de regionale economie. “Veel boeren zijn graag in de weer op het land of met hun koeien. Die ambiëren dat deel van het werk aan de korte keten niet. Juist daarom vraagt het organiseren van de keten om samenwerking en regie.” Tegelijk is het volgens hem noodzakelijk: zonder afzet geen omschakeling.
Werkplaats als volgende stap
Tijdens de Werkplaats Netwerk Platteland ‘Landbouw in 2050’, die op 20 en 21 mei in Zeeland plaatsvond, stonden deze vragen centraal. Moerman heeft deelgenomen aan het programma en zijn bedrijf opengsteld. Hij benadrukt dat het bouwen van een duurzaam verdienmodel tijd kost en onzeker is. “Het is elke maand weer puzzelen om het rond te krijgen. Ik heb vooral tijd nodig om te laten zien dat het kan. Ik breng bij de excursie in wat ik doe en hoe ik het doe. Laat zien wat wij hier proberen op te bouwen. Mijn ervaring. Misschien helpt dat anderen weer verder.”