Het Nationaal Strategisch Plan (NSP) is de Nederlandse invulling van het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) en is ingegaan per 1 januari 2023. Het GLB helpt boeren stappen te zetten naar toekomstbestendige landbouw.
De afspraken die Nederland met de Europese Commissie heeft gemaakt over de uitvoering van het NSP-GLB 2023-2027 staan beschreven in het programmadocument NSP-GLB 2023-2027.
De meest recente versie van het programmadocument vindt u hier:
Programmadocument NSP-GLB 2023-2027, versie 6.1 (geldend vanaf 26 november 2025)
Op het programmadocument zijn na 26 november 2025 tussentijdse wijzigingen doorgevoerd in de volgende onderdelen van het programma:
Geldend vanaf 19 mei 2026
De voorwaarde om aangemerkt te worden als bedrijfshoofd zijn gewijzigd naar:
- Oefent als natuurlijk persoon een landbouwbedrijf uit in eigen naam, of
- Is (mede) belast met de dagelijkse bedrijfsvoering, en
- Heeft als natuurlijk persoon blokkerende zeggenschap als bestuurder van een rechtspersoon, beherende vennoot, maat in de maatschap of als bestuurder van een vereniging of stichting.
Doel van de wijziging is om de voorwaarde om als bedrijfshoofd aangemerkt te worden, beter aan te laten sluiten bij de praktijk. De Nederlandse landbouw wordt in overgrote meerderheid gekenmerkt door familiebedrijven. Deze hebben vaak de vorm van een maatschap of vennootschap onder firma. Maatschappen of vennootschappen onder firma hebben doorgaans meerdere bedrijfshoofden.
Daarnaast is de voorwaarde dat de jonge landbouwer: minimaal het aantal uren werkzaam is in het bedrijf, als vermeld in de Wet op de inkomstenbelasting. vervangen door De jonge landbouwer is (mede) belast met de dagelijkse bedrijfsvoering..
Dit omdat de huidige voorwaarde in de praktijk tot een zeer hoge controle last in de uitvoering leidt. Ook kan deze voorwaarde tot onwenselijke situaties leiden voor aanvragers. De Wet op de inkomstenbelasting gaat uit van tenminste 1225 uren. Werkt een jonge landbouwer (door omstandigheden) één uur te weinig, dan voldoet hij niet aan de definitie
In het NSP staat voorgeschreven dat er bij de selectie van productieve investeringen dierenwelzijn er gebruikt gemaakt moet worden van selectiecriteria. Dat houdt in dat alle aanvragen beoordeeld moeten worden door een adviescommissie. De beoordeling door een adviescommissie kost een aantal weken. Een adviescommissie wordt vooral ingezet als een aanvragen inhoudelijk (bijvoorbeeld op mate van innovatie) beoordeeld moeten worden. Bij productieve investeringen is dat niet altijd het geval. Om de doorlooptijd van aanvragen te kunnen verkorten wordt in het NSP toegevoegd dat selectie ook kan plaatsvinden op basis van een investeringslijst.
De interventie ‘Vestigingssteun jonge landbouwers’ (I.75) is gericht op het overnemen of starten van een landbouwbedrijf. Het gaat bij de overname om de gehele of gedeeltelijke overname. Daarom wordt in de interventie de volgende aanvullende subsidievoorwaarde opgenomen. De jonge landbouwer heeft:
a) ten minste 50 procent van een bedrijf juridisch in eigensom heeft of in reguliere pacht of erfpacht heeft
b) ten minste 50 procent van de aandelen bezit in geval van een naamloze vennootschap of besloten vennootschap.
De interventie ‘Samenwerking generatievernieuwing’ (I.77.2) is gericht op het overnemen of starten van een landbouwbedrijf. Het gaat bij de overname om de gehele of gedeeltelijke overname. Daarom wordt in de interventie de volgende aanvullende subsidievoorwaarde opgenomen. De jonge landbouwer heeft:
a) ten minste 50 procent van een bedrijf juridisch in eigensom heeft of in reguliere pacht of erfpacht heeft
b) ten minste 50 procent van de aandelen bezit in geval van een naamloze vennootschap of besloten vennootschap.
De landelijke EIP openstellingen voor ‘digitalisering en robotisering’ en ‘dierwaardige ketendeals’ zijn succesvol. Het animo voor beide regelingen en de kwaliteit van de projectplannen is boven verwachting. Het opengestelde budget is echter ontoereikend om alle kwalitatief goede projecten te kunnen honoreren. Aan het NSP is aanvullende nationale financiering toegevoegd. Hierdoor wordt het mogelijk het opengestelde budget te verhogen.
In het NSP was bij drie interventies de mogelijkheid opgenomen om projecten uit de vorige GLB periode (POP3) uit te financieringen onder het NSP, dit wordt ook wel Carry Over genoemd. Met de afronding van het POP3 is duidelijk geworden dat het niet nodig was om van de Carry Over mogelijkheid gebruik te maken. De Carry Over is uit het NSP geschrapt in de volgende interventies:
- Productieve investeringen bedrijfsmodernisering (I.73.1a)
- Niet productieve investeringen niet landbouw (I.73.3)
- Kennisoverdracht (I.78)
Geldend vanaf 6 maart 2026
- Samenwerking generatievernieuwing – I.77.2 (geldend vanaf 6 maart 2026)
Met de wijziging wordt naast de bestaande doelgroep ‘jonge landbouwer’ en ‘potentiële jonge landbouwer’, een nieuwe doelgroep toegevoegd aan de subsidieregeling voor Generatievernieuwing, namelijk de ‘nieuwe landbouwer’.
Doel van de wijziging is het verruimen van de instapeisen voor het aanvragen van subsidie voor innovatieprojecten met als thema generatievernieuwing. Hierdoor kunnen ook nieuwe landbouwers, welke nog geen bedrijfshoofd is van een landbouwbedrijf, in aanmerking komen voor subsidie. Concreet betekent dit dat er in het samenwerkingsverband dat de subsidie aanvraagt, minimaal één van de drie doelgroepen - jonge landbouwer, nieuwe landbouwer of potentiële jonge landbouwer - deelneemt.
- Definitie ‘nieuwe landbouwer’ (geldend vanaf 6 maart 2026)
In hoofdstuk 4.1.6 van het programma is de definitie voor nieuwe landbouwer ingevuld:
- nieuwe landbouwer: landbouwer, niet zijnde een jonge landbouwer, die voor het eerst bedrijfshoofd is en beschikt over de vereiste passende opleiding of vaardigheden;
- Van een passende opleiding is sprake als de nieuwe landbouwer beschikt over een diploma of een getuigschrift van een opleiding landbouw, tuinbouw of aanverwant op het niveau middelbaar beroepsonderwijs of hoger onderwijs;
- Van passende vaardigheden is sprake als de nieuwe landbouwer beschikt over een bewijs van ten minste twee jaar aantoonbare ervaring met land- en tuinbouwproductie, op het tijdstip van de subsidieaanvraag, tellend vanaf het moment dat de leeftijd van 16 jaar is bereikt.
- Conditionaliteit GLMC 4 en GLMC 10; bufferstroken (geldend vanaf 6 maart 2026)
De voorwaarden rond bufferstroken langs waterlopen en de bufferstroken langs droge sloten zijn samengevoegd.
Geldend vanaf 4 december 2025
- Productieve investeringen – I.73.1 (geldend vanaf 4 december 2025)
Toegevoegd is dat ook agrarische collectieven en landbouw- organisaties begunstigden kunnen zijn van de subsidie. Wel moet de eindbegunstigde altijd een landbouwer zijn..
- Samenwerking integrale gebiedsontwikkeling- I.77.4 (geldend vanaf 4 december 2025)
De voorwaarde voor de samenstelling van het samenwerkingsverband is uitgebreid:
Er moet minimaal één landbouwer of agrarisch collectief, landbouw-organisatie of gebiedspecifieke stichting die landbouwers vertegenwoordigd deelnemen aan het samenwerkingsverband.
Hieronder vindt u de diverse programmadocumenten van het Nederlands NSP-GLB 2023-2027:
Programmadocument NSP-GLB 2023-2027, versie 6.1 (geldend vanaf 26 november 2025)
Programmadocument NSP-GLB 2023-2027, versie 5.1 (geldend vanaf 5 augustus 2025)
Programmadocument NSP-GLB 2023-2027, versie 4.2 (geldend vanaf 18 december 2024)
Programmadocument NSP-GLB 2023-2027, versie 3.0 (geldend vanaf 22 februari 2024)
Programmadocument NSP-GLB 2023-2027, versie 2.2 (geldend vanaf 12 december 2023)
Programmadocument NSP-GLB 2023-2027, versie 1.3 (geldend vanaf 16 december 2022)